GRATIS JURIDISCH ADVIES

Welkom op de website van de Rechtswinkel Berg en Dal. Wij geven op vrijwillige basis en geheel kosteloos juridisch advies. Wij zijn er voor alle inwoners van de gemeente Berg en Dal.

Maandag 2 september 2019
18.30 uur - 20.00 uur
Locatie: 't Voorzieningenhart Op de Heuvel, Ericastraat 39 te Groesbeek.

Vrijdag 6 september 2019
14.00 uur - 15.30 uur
Locatie: 't Voorzieningenhart Op de Heuvel, Ericastraat 39 te Groesbeek

Maandag 9 september 2019
18.30 uur - 20.00 uur
Locatie: 't Voorzieningenhart Op de Heuvel, Ericastraat 39 te Groesbeek.

Vrijdag 13 september 2019
14.00 uur - 15.30 uur
Locatie: 't Voorzieningenhart Op de Heuvel, Ericastraat 39 te Groesbeek.

Maandag 16 september 2019
18.30 uur - 20.00 uur
Locatie: 't Voorzieningenhart Op de Heuvel, Ericastraat 39 te Groesbeek.

Vrijdag 20 september 2019
14.00 uur - 15.30 uur
Locatie: 't Voorzieningenhart Op de Heuvel, Ericastraat 39 te Groesbeek.

 

Hier vindt u meer data.


Op dit moment werken wij alleen op afspraak.

Welkom bij Rechtswinkel Berg en Dal,



Sinds begin 2018 heeft ook gemeente Berg en Dal haar eigen rechtswinkel. U kunt bij ons terecht voor kosteloos juridisch advies. Denk hierbij ook aan hulp bij belastingaangifte of zelfs aan het verduidelijken van een lastige brief!

Wij werken momenteel alleen op afspraak. Bovenin onder de optie 'spreekuren' vindt u een intakeformulier.
 

Rechtswinkel Berg en Dal zoekt nieuwe medewerkers! Lijkt het jou een uitdaging om praktijkervaring op te doen en draag jij graag je steentje bij? Dan zijn wij op zoek naar jou!

Stuur je sollicitatie bestaande uit een motivatiebrief, officiële cijferlijst en cv naar bestuur@rechtswinkelbergendal.nl.

Vereisten:
- Minimaal één jaar beschikbaar
- Minimaal tweede jaar hbo-rechten afgerond of in het bezit van een WO propedeuse
- Minimaal twee keer per maand beschikbaar om spreekuur te draaien op maandagavond en/of vrijdagmiddag op verschillende locaties in de gemeente Berg & Dal

Wie weet ben jij dan het juridische talent dat ons team komt versterken

 

De kinderalimentatie bereken je aan de hand van twee belangrijke factoren, namelijk de behoefte en de draagkracht.

De behoefte
Met de behoefte wordt het bedrag bedoeld dat de ouders nodig hebben om in het levensonderhoud van hun kinderen te kunnen voorzien. Het is allereerst van belang om vast te stellen of ouders met hun kinderen hebben samengewoond.

Wanneer beide ouders wel met de kinderen hebben samengeleefd, is het voor de berekening van de behoefte van belang dat vooraf het netto besteedbaar inkomen tijdens deze samenleving berekend wordt. Hiervoor moet het netto besteedbaar inkomen van beide ouders bij elkaar opgeteld worden. Nadat het netto besteedbaar inkomen van de ouders is berekend, wordt voor de berekening van de behoefte van de minderjarigen gekeken naar de behoeftetabel. In deze tabel wordt gekeken naar de leeftijd van de kinderen en het netto besteedbaar gezinsinkomen van de ouders, waarna de behoefte van de kinderen kan worden afgelezen. Deze tabel is te vinden op https://www.rechtspraak.nl/SiteCollectionDocuments/behoeftetabel-2019.pdf Let wel op: deze tabel verandert ieder jaar.

Niet samengeleefd in gezinsverband
Wanneer er nooit als gezin is samengeleefd, zal de behoefte op een andere manier moeten worden berekend. Een schatting van de kosten die nodig zijn voor het kind volstaat hierbij wanneer voor de eerste keer de alimentatie moet worden berekend. Een tweede manier om de behoefte van een kind dat nooit in gezinsverband met beide ouders heeft geleefd te berekenen is door het gemiddelde te nemen van de behoefte berekend op basis van het inkomen van de ene ouder en de behoefte op basis van het inkomen van de andere (de inkomens moeten dus niet bij elkaar worden opgeteld).
Vervolgens wordt ook voor deze berekening van de behoefte van de minderjarigen gekeken naar de behoeftetabel.

Meerderjarige kinderen
Voor meerderjarige kinderen is er geen vaste wijze waarop de behoefte wordt vastgesteld. Dit kan vastgesteld worden door de behoeftetabel te gebruiken, maar vaak worden de WSF-normbedragen voor de berekening van de behoefte van jongmeerderjarigen gebruikt. Deze normbedragen zijn te vinden op https://www.st-ab.nl/normwsf.htm

Draagkracht
Voordat de kinderalimentatie kan worden betaald is voorts van belang wat de draagkracht is van beide ouders. Hierbij wordt gekeken naar de actuele inkomsten van de ouders. Het uitgangspunt voor de draagkracht is dus wat de ouders op dat moment per maand kunnen voldoen om bij te dragen in het levensonderhoud van de kinderen. Aan de hand van de actuele inkomsten van de ouders wordt vervolgens het zogeheten ‘draagkrachtloos’ inkomen berekend. Hiervoor wordt gekeken naar wat de ouders nodig hebben voor het betalen van de gebruikelijke lasten. Deze gebruikelijke lasten zijn onder meer een forfaitair bedrag aan woonlasten en de bijstandsnorm voor de kosten van levensonderhoud. Van het overgebleven bedrag, na aftrek van het draagkrachtloos inkomen, is 70% beschikbaar voor de kinderalimentatie. Dit is de daadwerkelijke draagkracht van de ouders.

Draagkrachtvergelijking
De alimentatieplichtige ouder hoeft echter niet het volledige bedrag van de draagkracht te besteden aan kinderalimentatie. Aan de hand van de draagkracht van beide ouders zal nog een berekening plaatsvinden van ieders aandeel in de verzorging en opvoeding van de kinderen. Dit is de zogeheten draagkrachtvergelijking. Voor deze draagkrachtvergelijking wordt een formule gebruikt. Deze formule is als volgt:

Zorgkorting
Nadat de draagkrachtvergelijking is toegepast, is het totale bedrag dat de alimentatieplichtige moet voldoen als kinderalimentatie nog afhankelijk van de zogeheten zorgkorting. Zorgkorting is een bepaald percentage van de behoefte. Welk percentage geldt, is afhankelijk van de afgesproken zorg- of omgangsregeling. Zijn de kinderen vaker bij de alimentatieplichtige ouder, dan zal er een hogere zorgkorting gelden. In de tremanormen zijn een aantal vaste zorgkortingspercentages als uitgangspunt genomen:

5% bij gedeelde zorg gedurende minder dan 1 dag per week;
15% bij gedeelde zorg op gemiddeld 1 dag per week;
25% bij gedeelde zorg op gemiddeld 2 dagen per week;
35% bij gedeelde zorg op gemiddeld 3 dagen per week.

Ouders kunnen echter onderling ook andere afspraken maken over welke zorgkorting moet worden toegepast.

Het uitgangspunt is dat de verzorgende ouder (die de kinderalimentatie ontvangt) alle kosten van de kinderen betaalt, behalve de verblijfskosten die de andere ouder heeft op de dagen dat de kinderen bij hem zijn. De zorgkorting is dan ook bedoeld als een soort compensatie voor de kosten die de alimentatieplichtige heeft op de dagen dat de kinderen bij hem of haar verblijven.

Conclusie
Wanneer het aandeel van beide ouders is berekend en de zorgkorting op het aandeel van de alimentatieplichtige in mindering is gebracht resteert het uiteindelijke bedrag dat de alimentatieplichtige maandelijks moet voldoen als kinderalimentatie. Het is alleen niet zo dat dit bedrag elk jaar hetzelfde blijft. Alimentatie wordt elk jaar geïndexeerd. De minister van Justitie bepaalt dan ook elk jaar een bepaald percentage waarmee de kinderalimentatie omhoog moet gaan. Let op: Dit gebeurt niet automatisch. Ouders moeten dit zelf in de gaten houden en toepassen.

Heeft u vragen over de kinderalimentatie, of wilt u de kinderalimentatie laten (her)berekenen? Wij adviseren u graag!